Home

Informatie

Uitslagen 2008

Uitslagen 2009

Wedstrijdkalender

Links

Contact

Verenigingen

Wetgeving

Sportschieten = concentratie

Wie nooit de schietsport beoefend heeft, beschouwt de schietsport niet echt als een sport. Niets is echter minder waar.

Het schieten is inderdaad geen actiesport, en een toeschouwer heeft de indruk dat alles vanzelf gaat. Het schieten is immers een "inwendige" of een "concentratie" sport. Wat niet wegneemt dat een goede algemene conditie zeer belangrijk is voor een topschutter. Tot de basistraining van een schutter behoort joggen, zwemmen, fietsen, kracht en duurtraining, naast de specifieke schiettraining.

De concentratie en de zelfbeheersing die een schutter moet opbrengen bij elk schot die hij (of zij) afvuurt is te vergelijken met de concentratie die een sprinter moet opbrengen bij de start van de 100m sprint. Alleen moet een schutter deze concentratie 60 maal opbouwen in een periode van 1hr30min. Het is niet uitzonderlijk dat een schutter na een wedstrijd volledig uitgeput is, zowel mentaal als fysiek.( Een wedstrijdkarabijn kan tot 7kg wegen )

Doordat een algemene goede conditie voldoende is, maar dat vooral zelfbeheersing, concentratie, en techniek doorslaggevend zijn, is de leeftijd van de competitieschutters zeer uiteenlopend. Sommige topschutters hebben reeds deelgenomen aan 4, 5 of zelfs 6 Olympische Spelen. Een bijkomend feit bij deze langdurige sportcarrières is : de sportiviteit. Ik denk dat er in geen enkele andere sport een even grote sportiviteit bestaat als in de schietsport. Natuurlijk zijn de verliezers teleurgesteld, maar in geen enkel andere sport wordt een winnaar zo vaak gefeliciteerd door zijn collega atleten als bij het schieten. Het feit dat schieten een tot en met individuele sport is, is daarvan waarschijnlijk de basis. Een tegenstander kan jouw resultaten niet beïnvloeden en jij kan die van je tegenstander niet beïnvloeden. Iedere atleet is ten volle verantwoordelijk voor zijn eigen resultaat.

Met training en doorzettingsvermogen is iedereen in staat een redelijk niveau te halen in de schietsport. Wie zich een discipline eigen maakt en bereid is redelijk wat tijd in training te investeren kan tot de top of subtop geraken in België. Wie echter een echte topper wil worden moet keihard trainen, en dit, afhankelijk van het aangeboren talent, vaak gedurende jaren.

Wat omvat sportschieten ?

In eenvoudige bewoordingen of in een eenvoudige structuur het sportschieten uitleggen is een bijna onmogelijke taak. Als sport omvat het Schieten bijna evenveel disciplines als Atletiek.

Het ISSF (International Shooting Sport Federation) (tot voor kort U.I.T) genaamd is de international bond die ervoor instaat dat alle schutters over de ganse wereld een uniform reglement hebben om hun sport te beoefenen. In de praktijk is het wel zo dat er bijna oneindig meer disciplines bestaan dan er door het ISSF erkend zijn. Dit komt vooreerst door de moeilijkheidsgraad van de erkende disciplines, en, door plaatselijke gewoontes en wetgevingen. Maar er mag gesteld worden dat alle sportdisciplines bij het schieten hun basis hebben bij de ISSF reglementen. Er zijn 17 Olympische Schietdisciplines, die in 4 hoofdgroepen kunnen onderverdeeld worden, nml, Kleischieten, Karabijnschieten, Pistoolschieten, en , Lopend Doel schieten.

De Sporttakken die op deze bladzijden behandeld worden zijn de "DOELSCHUTTERS". Maar ook bij het doelschieten is er eveneens een grote diversiteit. Met doelschieten bedoelen we het schieten vanaf een vast schietpunt naar een kartonnen schijf, met karabijn of pistool.

De verschillende disciplines onderscheiden zich door het gebruikte wapen (pistool of karabijn), de afstand tot het doel (10m, 50m, 100m, 300m), de houding (staand, liggend, knielend, of een combinatie van deze houdingen), het kaliber van het wapen ( .177, .22 , .32, .38, enz.), het aantal schot per wedstrijd (40, 60, 120)

Uitzonderlijk aan deze sport is de diversiteit in leeftijden van de deelnemers, de jongste olympische kampioen ooit was 16 jaar (Konstatin Lukashik in 1992) en de oudste olympische kampioen ooit was er 72 (Oscar Shawn in 1920).

De onderstaande lijst geeft een overzicht van alle ISSF disciplines beoefend in België.Klik op de desbetreffende discipline voor meer informatie

Disciplines

Discipline 1 Zwaar kaliber vrij geweer - 3 houdingen - 300 meter
Kaliber: niet groter dan 8 mm
Gewicht van het wapen: niet meer dan 8 kg
Schietprogramma:120 schoten in 3 houdingen
- 40 schoten liggend in 1u.15 min., proefschoten inbegrepen
- 40 schoten staand in 1u.45 min., proefschoten inbegrepen
- 40 schoten geknield in 1u.30 min., proefschoten inbegrepen
Discipline 1a Zwaar kaliber vrij geweer – 60 schoten liggend – 300 meter
Kaliber: niet groter dan 8 mm.
Gewicht van het wapen: niet meer dan 8 kg
Schietprogramma: 60 schoten in liggende houding
Volledige tijdsduur: 1u.45 min., proefschoten inbegrepen
- 60 schoten staand in 1u.45 min., proefschoten inbegrepen
- 60 schoten staand in 1u.30 min., proefschoten inbegrepen
op elektronische schijven
Discipline 2 Zwaar kaliber standaard geweer – 3 houdingen – 300 meter.
Kaliber: niet groter dan 8 mm
Gewicht van het wapen:niet meer dan 5,5 kg.
Trekkerdruk:minimum 1500 gram
Schietprogramma:60 schoten in 3 houdingen
- 20 schoten liggend
- 20 schoten staand
- 20 schoten geknield
Volledige tijdsduur: de drie houdingen in 2u.30min., proefschoten inbegrepen
Opmerking: hetzelfde wapen moet gebruikt worden voor de drie houdingen.
(behalve bijstellen mikorganen, hoofd- en handsteun)
Discipline 3 Zwaar kaliber standaard geweer – 3 houdingen – 100 meter
Kaliber: niet groter dan 8 mm
Gewicht van het wapen:niet meer dan 5,5 kg.
Trekkerdruk:minimum 1500 gram
Schietprogramma:60 schoten in 3 houdingen
- 20 schoten liggend
- 20 schoten staand
- 20 schoten geknield
Volledige tijdsduur: de drie houdingen in 2u.30min., proefschoten inbegrepen
Opmerking: hetzelfde wapen moet gebruikt worden voor de drie houdingen.
(behalve bijstellen mikorganen, hoofd- en handsteun)
Discipline 4 Klein kaliber vrij geweer – 60 schoten liggend – 50 meter
Kaliber: 5,6 mm (.22 long rifle)
Gewicht van het wapen: niet groter dan 8 kg
Schietprogramma:60 schoten in liggende houding
Volledige tijdsduur:1u.30min., proefschoten inbegrepen
Discipline 5 Klein kaliber standaard geweer – 60 schoten liggend – 50 meter
Kaliber:5,6 mm. (.22 long rifle)
Schietprogramma: Dames, Junioren, Kadetten - 60 schoten in liggende houding
Volledige tijdsduur:1u.30min., proefschoten inbegrepen
Discipline 6 Klein kaliber vrij geweer – 3 houdingen – 50 meter
Kaliber: 5,6 mm.(.22 long rifle)
Gewicht van het wapen: niet groter dan 8 kg
Schietprogramma: 120 schoten in drie houdingen
- 40 schoten liggend in 1u.30min.
- 40 schoten staand in 1u.30min.
- 40 schoten geknield in 1u.15min.
alles proefschoten inbegrepen
Discipline 7 Klein kaliber standaard geweer – 3 houdingen – 50 meter
Kaliber:5,6 mm. (.22 long rifle)
Trekkerdruk:minimum 1500 gr.
Schietprogramma:60 schoten in drie houdingen
- 20 schoten liggend
- 20 schoten staand
- 20 schoten geknield
Volledige tijdsduur: de drie houdingen in 2u.30min., proefschoten inbegrepen
Opmerking:hetzelfde wapen moet gebruikt worden voor de 3 houdingen.
Discipline 8 Vrij geweer – 10 meter
Kaliber: 5,6mm .22 (zimmer) = gereduceerde lading
Schietprogramma: 40 schoten in staande houding
Volledige tijdsduur:1u.15min., proefschoten inbegrepen
Discipline 9 Luchtgeweer – 10 meter.
Kaliber: 4,5 mm. (.177)
Schietprogramma:
Heren en junior heren, 60 schoten in staande houdingin 1u.45min., proefschoten inbegrepen
Dames, junior dames en Cadetten, 40 schoten in staande houding in 1u.15min., proefschoten inbegrepen
Discipline 10 Alle zwart kruit disciplines Historische wapens

Er bestaat een grote waaier van disciplines met historische hand- of schoudervuurwapens of de replica’s van deze. Alle wapens worden aan de voorkant geladen met zwart kruit.

Handvuurwapens (vaste schijf)
Het programma bestaat uit 13 schoten op een afstand van 25 meter. De beste tien treffers worden opgeteld om de score te bepalen. De gebruikte wapens zijn silex- of percussie-pistolen (disc. Cominazzo en Kechenreuter) en percussie-revolvers (disc. Colt en Mariette).

Schoudervuurwapens (vaste schijf)
De schietafstand bedraagd 50 of 100 meter. De gebruikte wapens zijn geweren of karabijnen Met gladde of getrokken loop, die militair of burgerlijk kunnen zijn, en met percussie-, Steenslot-, of lontontsteking volgens de disciplines. Hizadai Gladloops lontslotgeweer, geknielde houding, afstand 50m. Maximilien Steenslotgeweer, getrokken loop, liggende houding, afstand 100m. Miquelet Gladloops steenslotgeweer, staande houding, afstand 50m. Minié Militair percussiegeweer, getrokken loop, liggende houding, afstand 100m. Tanegashima Gladloops lontslotgeweer, staande houding, afstand 50m. Vetterli Vrij geweer (lont, silex, percussie), staande houding 50m. Walkyrie Percussiegeweer, liggende houding, afstand 100m., disc. voor dames Whitworth Percussiegeweer, liggende houding, afstand 100m.

Discipline 11 Luchtpistool – 10 meter
Kaliber: 4,5 mm. (.177)
Schietprogramma:
heren en junior heren, 60 schot staande houding in 1u.45 proefschoten inbegrepen
dames, junior dames en cadetten, 40 schot staande houding in 1u.15min.
proefschoten inbegrepen
Discipline 12 Snelvuurpistool – 25 meter
Kaliber: 5,6 mm. (.22 short)
Schietprograma: 60 wedstrijdschoten verdeeld in 2 delen van elk 30 schot
Elk deel bestaat uit 6 reeksen van 5 schoten
2 reeksen in 8 sec.
2 reeksen in 6 sec.
2 reeksen in 4 sec.
In elke reeks wordt één schot gevuurd op elk van de vijf schijvenin de opgegeven tijd.
Vóór elk deel wordt en reeks van vijf schoten gevuurd in 8 sec.
Discipline 13 Centerfire of zwaar kaliber pistool - 25 meter
Kaliber:7,62 tot 9,65 mm. ( .32 tot .38 ) Wapen: Pistool of revolver Schietprogramma: 60 wedstrijdschoten verdeeld in twee delen van elk 30 schoten. 1ste deel: Precisiegedeelte,6 reeksen van 5 schoten in een tijdspanne van 5 min. per reeks. Vóór het begin van dit deel wordt een proefreeks van 5 schoten gevuurd in 5 min. 2de deel: Snelvuurgedeelte ( duel ).6 reeksen van 5 schoten Gedurende elke reeks is de schijf 3 sec. zichtbaar en 7 sec in profiel weggedraaid. Vóór het begin van dit deel wordt een proefreeks van 5 schoten gevuurd.
Discipline 14 Standaard pistool - 25 meter
Kaliber:5,6 mm. ( .22 long rifle )
Wapen: Pistool
Schietprogramma: 60 wedstrijdschoten verdeeld in drie delen van 20 schoten.
1ste deel: 4 reeksen van 5 schoten in een tijdspanne van 150 sec. per reeks.
2de deel:4 reeksen van 5 schoten in een tijdspanne van 20 sec. per reeks.
3de deel:4 reeksen van 5 schoten in een tijdspanne van 10 sec. per reeks.
Vóór het begin van de 1ste reeks wordt een proefreeks van 5 schoten gevuurd in een tijdspanne van 150 sec.
Discipline 15 Vrij pistool - 50 meter
Kaliber:5,6 mm. ( .22 long rifle )
Wapen: Het pistool mag maar met één patroon geladen worden.
Schietprogramma:
60 wedstrijdschoten in 6 reeksen van 10 schoten.(in internationale wedstrijden 12 reeksen van 5 schoten).
Volledige tijd: 2u.00min. proefschoten inbegrepen.
Discipline 16 Sportpistool - 25 meter
Kaliber:5,6 mm ( .22 long rifle ) Wapen:Pistool of revolver. schietprogramma: 60 wedstrijdschoten verdeeld in 2 delen van elk 30 schoten.

1ste deel:Precisiegedeelte, 6 reeksen van 5 schoten in een tijdspanne van 5 min. per reeks. Vóór het begin van dit deel wordt een proefreeks van 5 schoten gevuurd in een tijdspanne van 5 min.


2de deel: Snelvuurgedeelte (duel) 6 reeksen van 5 schoten. Gedurende elke reeks is de schijf 3 sec. zichtbaar en 7 sec. in profiel weggedraaid.Vóór het begin van dit deel wordt een proefreeks van schoten gevuurd.


Discipline 17 Superkaliber - 25 meter
Kaliber: 9 mm. parabellum, .357, .41, .44, .45 en 10 mm. Auto.
Wapen: Zwaar kaliber pistool of revolver.
Schietprogramma: 30 wedstrijdschoten verdeeld in twee delen van elk 15 schoten.

1ste deel: Precisiegedeelte:
3 reeksen van 5 schoten in een tijdspanne van 5 min. per reeks. Vóór het begin van dit deel wordt een proefreeks van 5 schoten gevuurd in een tijdspanne van 6 min.

2de deel: Snelvuurgedeelte (duel)
3 reeksen van 5 schoten. Gedurende elke reeks is de schijf 3 sec. zichtbaar en 7 sec. in profiel weggedraaid.Vóór het begin van dit deel wordt een proefreeks van 5 schoten gevuurd.

Discipline 18 Snelvuur luchtpistool Snelvuurdiscipline - 10 meter
Kaliber: 4,5 mm (.177)
Wapen:Semi-automatisch luchtpistool - 5 schoten.
Schietprogramma: Reeksen van 5 schoten in 10 sec. één schot op elk van de 5 schijven.
40 schoten (8 reeksen van 5 schoten)
Vóór het begin van wordt een proefreeks van 5 schoten gevuurd
Discipline 19 Snelvuur luchtpistool Standaarddiscipline - 10 meter
Kaliber: 4,5 mm (.177)
Wapen: Semi-automatisch luchtpistool - 5 schoten.
Schietprogramma: Reeksen van 5 schoten in 10 sec, op één enkele schijf.
40 schoten (8 reeksen van 5 schoten)
Vóór het begin van wordt een proefreeks van 5 schoten gevuurd.